Interview Laurie Faro
Laurie Faro (1957) voltooide een studie algemeen Nederlands recht (Erasmus 1981) en een studie Algemene Cultuurwetenschappen(OU Nederland 2007). Ze ging werken als advocaat en ontwikkelde een grote belangstelling voor het verstevigen van de positie van het slachtoffer. Na een overstap naar de wetenschap is zij in 1990 gepromoveerd op de kwaliteit van zorg en de bescherming van de rechten van de patiënt. Haar tweede promotie in 2015 kwam voort uit persoonlijke interesse. Deze had als onderwerp ervaringen van mensen die belast zijn met traumatische ervaringen en de dood en het belang van hun herdenkingsrituelen, in het bijzonder bij een publiek monument.
Na haar laatste promotie deed zij jarenlang onderzoek naar kinderen en hun omgang met de dood, zoals bijvoorbeeld hun deelname aan uitvaartrituelen. Of hoe kinderen de dood via het samen lezen van prenten en - jeugdboeken kunnen begrijpen en er met elkaar over kunnen praten. En vooral ook hoe ze de draad van het leven weer kunnen oppakken na de dood van een dierbaar huisdier of naaste.
Wat was voor jou de aanleiding om het boek “ Doei, lieve vriend !” te schrijven?
Ik heb jarenlang onderzoek gedaan aan de universiteit naar kinderen, hun begrip van de dood en rouw, maar de uitkomsten daarvan worden niet gelezen door het grote publiek. Ook merkte ik dat de positie van het kind en de band van het kind met een huisdier, vaak niet helemaal in beeld zijn bij ouders/verzorgers. Daarom wilde ik graag een persoonlijke gids maken voor kinderen. Waar ze zelf in kunnen lezen, die ze onder hun arm mee kunnen nemen en waarin ze af en toe kunnen kijken en schrijven. Het boek is geschreven voor kinderen vanaf 8 jaar, die zelf al goed kunnen lezen. Jongere kinderen kunnen het samen met hun ouders/verzorgers lezen of er uit worden voorgelezen. Kinderen van 4-5 jaar zien wel veel dingen, maar begrijpen de dood en alles wat daar mee te maken heeft vaak nog niet. In het boek staan QR codes die verwijzen naar de website van de uitgever. Daar kunnen verschillende documenten gratis worden gedownload om te gebruiken. Ik gebruik in het boek ook verhalen over mijn eigen huisdieren, die zijn overleden als voorbeeld. Om te laten zien “hoe het zou kunnen gaan”. Ook gebruik ik informatie uit het boekje “ zijn we niet te vroeg?” van Dierenarts Hugo van Duijn. Ik merk dat het lezen van verhalen van anderen, kinderen/mensen in het algemeen aanspreekt. Mogelijk kunnen we via het platform ook families, en ook kinderen, vragen om hun eigen verhalen te delen.
Kun je wat meer vertellen over de onderzoeken die jij hebt gedaan aan de universiteit naar kinderen en de dood? Wat zijn daarvan de uitkomsten?
Mijn onderzoeken gingen in eerste instantie over kinderen en uitvaartrituelen en welke rol zij daarbij hebben. Vaak zie je dat kinderen een kaars mogen aansteken of een gedichtje mogen voorlezen. Maar verder zijn ze er meestal niet bij betrokken. Volwassenen zijn vaak erg bezig met hun eigen verdriet en het regelen van praktische zaken na een overlijden. Ik betrapte mijzelf daar ook op toen mijn schoonmoeder overleed. De kinderen van de familie zaten in een hoekje en werden een beetje vergeten. Volwassenen vinden het moeilijk om kinderen erbij te betrekken. Ze denken vaak dat een kind het niet aankan.
Als onderzoeker ben ik in Tilburg begonnen, maar later overgegaan naar de Radboud universiteit. Daar heb ik vervolgens onderzoek gedaan naar begrip van de dood bij kinderen en studenten begeleid die onderzoek deden. De focus lag op hoe je met kinderen over de dood kunt praten. Onder andere via (prenten)boeken en ervaringsverhalen. We benaderden hiervoor lagere scholen en kregen vaak te horen dat docenten niet wilden meewerken, omdat ze het een te zwaar onderwerp vonden voor kinderen. Terwijl je er volgens mij vooral wél over moet praten. De dood is er gewoon. Vaak gebeurt het praten pas als er en aanleiding voor is. Recentelijk bijvoorbeeld na een vreselijk auto-ongeluk met schoolkinderen in Zeeland. Dan gaat de school daarmee aan de slag. Maar eigenlijk moet je er al veel eerder over praten met kinderen., voordat er zoiets gebeurt.
Ik vond het zelf best lastig om voor kinderen te schrijven. Je wil ze er actief bij betrekken, maar het moet ook niet te kinderachtig zijn. Op het einde van mijn boek bedank ik het kind voor het lezen van mijn boek. Ook laat ik, vanuit het perspectief van Mozes, de overleden hond van mijn moeder, zien hoe belangrijk en fijn het is als je als verzorger je huisdier ook bij het einde van zijn leven begeleidt, en dat geldt ook voor kinderen die immers vaak een heel hechte band met hun huisdier hebben. Mozes geeft aan: “Dank je wel dat je tot het einde vlak bij mij blijft.” Doei, lieve vriend gidst kinderen om daadwerkelijk tot het einde van het leven hun huisdier nabij te kunnen zijn.
Tegenwoordig wordt er veel geschreven over kinderen en de dood, maar dat is een hele eigen bubbel. Ik zit daar niet in. Toch wil ik graag aandacht geven aan kinderen, de band met hun huisdier en hoe je om kan gaan met de dood van je huisdier. Vaak hebben huisdieren een relatief korte levensduur en gaan ook kinderen hun dood meemaken. Mensen moeten zich realiseren dat een kind van 8-9 jaar de dood niet zomaar helemaal begrijpt, ook door het verdriet. Wat is de dood? En hoe gaat het verder? Een recent uitgekomen kinderboek van longarts Sander de Hosson en schrijfster Els Quagebeur heeft de titel “Game over”. Maar in mijn beleving klopt dat niet helemaal en zou ik het anders willen benadrukken. Het is niet klaar met de dood, dan begint het pas. Na een overlijden is alles anders voor een kind. Belangrijk om onderscheid te maken tussen de feitelijke dood: iemand wordt nooit meer levend, en de spirituele dood: iemand is nog op een bepaalde manier aanwezig, maar komt niet meer terug. En dit geldt ook voor de dood van een geliefd huisdier.
In het studenten onderzoek gebruikten wij het prentenboek van Marc Janssen “Altijd dichtbij”. Dit is het verhaal van het jongetje Babu die zijn oma verliest en ontdekt dat zij in kleine dingen nog dichtbij is. Ditzelfde kan natuurlijk ook gelden voor een huisdier dat overleden is. Bovendien kan er door de dood van een huisdier ook ander verdriet naar boven komen. Tijdens het schrijven van het boek ging Mozes, de hond van mijn overleden moeder dood. Toen ik foto’s van hen beiden ging bekijken, zag ik pas goed wat voor bijzondere band zij samen hadden.
Wat zijn jouw persoonlijke ervaringen met euthanasie of dood van je eigen huisdieren?
Pelle de hond uit mijn jeugd die plotseling, spontaan overleed was mijn eerste ervaring. Dat was niet zo prettig: heel heftig en ik heb geen afscheid kunnen nemen. Daarna is het me eigenlijk altijd een soort van overkomen. Het ging niet altijd zoals het zou moeten. Ik heb een aantal jaren in Zuid-Limburg gewoond en daar was Dokter Jos, uit het boek, mijn dierenarts. Hij was heel praktisch en pragmatisch. Hij was geen voorstander van euthanasie thuis. Bij een van mijn oude hondjes, Mozes, was er opeens paniek en moest er snel gehandeld worden. Ik was zelf niet instaat om de keuze te maken en dan vertrouw je op de deskundigheid van de dierenarts. Maar achteraf gezien, had ik graag meer tijd gehad om rustig afscheid te nemen en was die er misschien ook nog wel geweest. Mijn tip is: ga naar dit soort dierenartsenbezoeken altijd met minimaal twee personen.
Mijn huidige hond Flipje is echt de hond van mijn man en mij samen. Omdat we nu in Zeeuws-Vlaanderen wonen moest ik op zoek naar een nieuwe dierenarts. Dat is hier niet zo makkelijk, er zijn niet zoveel dierenartsen in deze provincie. Ik heb een goede praktijk gevonden, maar ze waren helaas niet in mijn boek geïnteresseerd. Waarschijnlijk is het toch een moeilijk thema. Dat vond ik wel jammer. Het einde van het leven van een huisdier kan zo’n impact hebben, het is belangrijk dat je weet hoe je eigen dierenarts daar over denkt. Nu weet ik eigenlijk niet hoe deze praktijk met dit thema omgaat. De eerste dierenarts die Flipje hier behandelde was heel hond gericht en ging zelfs op de grond met hem spelen. Dat was superfijn. Maar deze dierenarts is helaas naar een andere praktijk gegaan. (Red: dat gebeurt tegenwoordig meer dan vroeger. Het is nu dus niet meer zo gebruikelijk dat je eigen dierenarts je huisdier van jongs af aan kent en ook de dood meemaakt.) De tweede dierenarts deed dat niet met Flipje en maakte minder contact. De band met de dierenarts is wel heel belangrijk, zeker als het gaat over levenseinde. (Red: belangrijk om als eigenaar op tijd het gesprek aan te gaan met je eigen dierenarts over wat er mogelijk is en wat jouw eigen wensen zijn)
Zijn er dingen die je nu achteraf anders gedaan of gewild zou hebben?
Zeker met de kennis van nu: ik zou graag meer tijd willen hebben bij de euthanasie, me beter voorbereiden, meer met de dierenarts in gesprek gaan van tevoren en meer zeggenschap willen hebben in moment en plaats van de euthanasie. Bij mijn hond Toutje ging het al heel anders. Zij is wel thuis geëuthanaseerd door een bevriende dierenarts van mijn moeder. Dat was heel mooi.
Wat zou voor jou de ideale situatie zijn rond dood en afscheid met kinderen?
Wat mij betreft begint het al bij het moment dat een huisdier in hun leven komt. Maakt niet uit wat voor dier het is. Cavia, konijn, goudvis of een hond of kat. Je moet met kinderen praten over de band van het kind met het dier en over de betekenis van het hebben van een dier. Hoe zorg je goed voor je dier en zijn welzijn? En wat als het op een gegeven moment niet meer goed gaat met je dier. Wil je daar ook bij betrokken zijn? Ga je mee naar de dierenarts samen met je ouders? In het boek heb ik hier ook speciale vragenlijsten voor gemaakt. Het moet niet zo zijn dat een kind thuis komt uit school en het dier is er niet meer. Je moet het hele proces rustig stapje voor stapje doorlopen. Als eerste het besef dat het niet meer goed gaat met je dier. Hoe bepaal je dat? Wat valt je op aan je dier? Hier heb ik ook gebruik gemaakt van het boekje van Hugo van Duijn, dierenarts, en de vertaalslag naar kinderen proberen te maken. En dan de vraag, ook direct voor betrokken kinderen: “Wil je er tot het einde bij zijn, waarom wel, waarom niet?” Het is belangrijk dat ze een beslissing nemen waar ze zich goed bij voelen. Maar daarna, wat gebeurt er na het overlijden van je dier? Je ouders hebben verdriet. Jij ook. Wat doet dat met jou? Kinderen begrijpen toch vaak niet helemaal wat het betekent dat het dier dood is. Komt hij niet terug? Moet ik hem nog eten geven? Kinderen hebben soms hele andere ideeën dan wij volwassenen denken. Het kind wil eigenlijk niet dat het dier dood is. Hoe praat je daar over. Soms kan tekenen makkelijker zijn dan praten. Maar er zijn nog veel meer andere manieren: een boek lezen, een gedicht lezen, een prentenboek bekijken. Dan zie je vaak herkenning bij het kind en komt het gesprek op gang.
Hoe kunnen ouders of therapeuten jouw boek gebruiken bij de ondersteuning van kinderen?
Eigenlijk kun je dit boek al gebruiken als er een huisdier in huis komt. Dan moet je al met het kind bespreken dat dieren meestal veel korter leven dan wij mensen. Dus dat ze ook de dood van het dier gaan meemaken. Dieren zijn superleuk, maar de dood hoort daar ook bij. Er is ook altijd een andere kant aan dingen. Vanuit de band met het dier kun je hier liefdevol mee omgaan. Toen ik zelf als kind een goudvis had, heb ik nooit nagedacht over hoe het voor de goudvis was om mijn huisdier te zijn. Ik dacht vooral vanuit mijzelf. Een vriendin van mij had het boek gelezen en heeft vervolgens de goudvis die bij haar kleinkinderen boven stond naar beneden gehaald en samen zijn ze allerlei “vissenspeeltjes” gaan kopen. Om meer aandacht aan het dier te besteden. Toen deze goudvis overleed .
Het gaat mij dus vooral om de bewustwording. Misschien is een boek niet helemaal het juiste middel hiervoor. Mogelijk dat jullie website ook een bijdrage kan leveren hieraan. De gemiddelde levensduur van onze huisdieren is gewoon niet zo lang. Uitzonderingen daargelaten zoals papegaaien en schildpadden. Ik had vroeger zelf een gans die 65 jaar is geworden en helaas is doodgebeten door een vos.
Heb je nog tips voor ons platform? Hoe we nog meer mensen en kinderen kunnen bereiken ?
Ik denk dat ervaringsverhalen over dit onderwerp mensen erg aanspreken. Het is ook altijd goed om in te haken op de actualiteit. Bijvoorbeeld het verhaal van Sharon van Rouwendaal. Zij was een lange afstandszwemster en haar hondje Rio is overleden vlak voor de Olympische Spelen van Parijs. Haar gouden medaille droeg ze met veel emotie aan Rio op. Of Louis Hamilton, de Formule 1 autocoureur. Toen zijn Bulldog Roscoe kwam te overlijden heeft hij dat gedeeld op social media en kwam er een gesprek op gang. De hele formule 1 autowereld kende Roscoe en rouwde met Hamilton mee. Deze voorbeelden laten ook zien dat je nooit kunt zeggen: “Het was toch maar een hond”. De rouw om een huisdier is heel persoonlijk en kan voor mensen, groot of klein, heel veel impact hebben. Hoe meer er over gepraat wordt en hoe serieuzer de dood van een huisdier wordt genomen, hoe beter, zeker als kinderen zijn betrokken zijn.
